B en W Utrecht, inz. schade aan werfkelders centrum Utrecht.

·         Het gaat om in totaal 8 zaken die gelijktijdig op zitting zijn behandeld. In zes van de acht is een nader stuk ingediend, waaronder deze. De zeer late indiening van nieuwe beroepsgronden (bijna een jaar tussen indiening beroepschrift en onderbouwing) is hier in strijd met de goede procesorde. Niet gebleken dat dit niet eerder had gekund (alle tijd gehad om nieuwe rechtsbijstandverlener in te schakelen). Gelet op feit dat hij veel procedures bij Afdeling heeft lopen mag van hem in dat opzicht meer verwacht worden dan van gemiddelde burger. In andere zaken procedeert hij ook zonder rechtsbijstandsverlener. Niet alleen in deze zaak, maar ook in vijf andere, wordt vlak voor zitting een onderbouwing van meerdere pagina’s ingediend; zonder die onderbouwing was de zeer algemeen geformuleerde beroepsgrond niet goed te begrijpen. Late indiening schaadt goede rechtspleging. T.a.v. andere minder algemene en gedeeltelijk onderbouwde gronden wordt die onderbouwing wel meegenomen.

·         De Afdeling merkt op over de wijze van procederen dat er inmiddels 50 uitspraken zijn gedaan in zaken van verzoeker en er lopen nog 20 procedures, allemaal over zijn pand in Utrecht of daaraan te relateren, met name handhavingsverzoeken, omgevingsvergunningen en Woo-verzoeken. In zijn hoger beroepschrift in een van de zaken is op geen enkele wijze ingegaan op uitspraak van de rechtbank, maar is volstaan met indiening van kopie dat hij in andere procedures heeft ingediend. Dit is een belangrijke aanwijzing die kan duiden op misbruik van recht, mede gezien de grote hoeveelheid procedures die hij voert. In de gevoerde Woo-procedures verzoekt hij voornamelijk om proceskosten, schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn en kosten voor het doen van dat verzoek. Ook stuurt hij processtukken te laat in of komt hij zeer laat of te laat met gronden wat in strijd met goede procesorde. Hoewel de Afdeling in de Woo-procedures nog geen misbruik van recht heeft aangenomen, wijst de Afdeling hem erop dat bij voorzetting van deze werkwijze in een volgende procedure mogelijk wel misbruik wordt aangenomen.

·         Hoorplicht: maatregel opgelegd dat hij alleen via specifiek e-mailadres in contact met gemeente mag komen. Afdeling volgt hem niet dat hij daardoor niet kon deelnemen aan hoorzitting in bezwaar. Herhaling gronden in beroep. Afdeling voegt aan uitspraak van rechtbank toe dat als voor hem onduidelijk was of hij bij hoorzitting aanwezig mocht zijn, het op zijn weg had gelegen om in de twee weken daarvoor contact op te nemen met het college en daarmee niet te wachten tot de avond voor de hoorzitting.

·         Schadevergoeding overschrijding redelijke termijn: hij is het er niet mee eens dat de rechtbank rekening heeft gehouden met de samenhang met andere zaken en kwam tot één behandeltermijn. Ook hier herhaling van gronden in beroep. Afdeling kan zich vinden in oordeel rechtbank.

·         Proceskostenvergoeding t.a.v. verzoek om schadevergoeding? Hij vindt dat hij voor elke zaak recht heeft op vergoeding en factor ‘licht’ i.p.v. ‘zeer licht’. Het college was hier veroordeeld, maar in de andere samenhangende zaken niet. De rechtbank heeft juist gehandeld. Het gaat om samenhangende zaken waarvoor één keer schadevergoeding wordt toegekend. Het doen van dit verzoek levert nauwelijks extra werk op. En hoewel de berekening van de hoogte van de rechtbank niet juist is, is de uitkomst wel juist (rechtbank gaf 2 punten x 0,25, terwijl Afdeling 1 punt x 0,50 geeft). Verzoeker is door onjuiste berekening van de rechtbank niet benadeeld.