Als onderzoeksjournalist duikt Janssen graag zijn onderwerp in, soms zelfs letterlijk. Voor een boek over hackers leerde hij zelf hacken, om âecht van binnenuit te begrijpen hoe het werktâ. Alleen door echt onderdeel te worden van een wereld, kun je haar goed doorgrondenâ, zegt Janssen.
Woo-verzoek over Het Groeifonds en de rol van Microsoft
Door zijn nieuwsgierigheid en achtergrond werd hij betrokken bij een Woo-verzoek van Follow the Money. Het begon allemaal met een tip over het Nationaal Groeifonds, een investeringsfonds van 650 miljoen euro. Er zouden onregelmatigheden zijn. Bij Follow the Money wist men niet direct wat ze ermee moesten, maar Janssen besloot erin te duiken. Daarbij ging zijn aandacht vooral uit naar de relatie tussen het ministerie van Economische Zaken en Microsoft. âJe krijgt dan al snel het gevoel dat er achter de schermen veel handjeklap gebeurtâ, vertelt Gerard. âIk wilde gewoon weten. Hoe zit die relatie precies?â Het was voor hem een mooie kans om achter de schermen te kijken.
Inzage onder geheimhouding
Het Woo-verzoek leidde uiteindelijk tot inzage onder geheimhouding, een zogenoemde 5.7-procedure. Voorwaarde voor de inzage onder geheimhouding was dat hij achteraf niets over zwart gelakte passages zou publiceren of ernaar zou verwijzen.
Economische Zaken bood hem de mogelijkheid om tienduizenden mails uit twee mailboxen van sleutelpersonen binnen het ministerie in te zien. Janssen was vooral geïnteresseerd in de communicatie tussen Economische Zaken, Q-Tech en Microsoft. Eén van de sleutelfiguren was een spin in het web, die ook bij Q-Tech ging werken en contacten had met Brussel en dergelijke.
Het was een bijzondere ervaring, herinnert Janssen zich. âIk moest naar een speciale kamer met beveiligde ramen, waar ik geen seconde alleen werd gelaten. Twee dagen lang heb ik alleen maar gekeken, genoteerd en gezocht. Zelfs niet geluncht. De juristen van Economische Zaken waren vriendelijk en professioneel en ze brachten me koffie. Ik voelde me af en toe een beetje schuldig over dat ik zoveel tijd van ze in beslag nam.â
In totaal kreeg Janssen toegang tot zoân 30.000 interne mails. âJe kon zoeken op trefwoorden, op namen, op onderwerpen. Wat me opviel was dat er ook oudere stukken tussen zaten, nog uit 2012, van vóór de tijd dat men echt besefte dat zulke documenten ooit openbaar konden wordenâ.
Bij grote Woo-verzoeken moet je soms door tienduizenden documenten heen lopen. Hiervoor gebruikt Janssen zoektermen, kijkt naar periodes waarin iets speelde en vertrouwt verder op zijn instinct. Hij heeft inmiddels een goed gevoel ontwikkeld voor waar de ruis stopt en het verhaal begint.
De ethiek van de journalistiek
Deze ervaring met de Woo maakt Janssen niet alleen wijzer over de overheid, maar ook over zijn eigen vak. âVanuit de journalistiek ben je gespitst om te onderzoeken of ergens een slechte intentie achter zit. Maar soms is iets gewoon menselijk, een vergissing of onhandigheid.â Janssen pleit daarom ook voor meer zelfreflectie binnen de journalistiek. âGoede journalistiek draait erom de waarheid boven tafel te halen. Journalisten zouden wel wat vaker moeten uitleggen hoe ze aan de informatie komen en hierover verantwoording afleggen. En de ethiek van ons werk verdient meer aandacht.â
Janssen wordt gedreven door zijn nieuwsgierigheid. Zijn behoefte is om echt te begrijpen en te weten hoe iets werkelijk in elkaar zit. âAls je met kwade intenties zoekt, vind je altijd wel iets dat niet klopt of deugt,â zegt hij. Maar de kunst is juist om te zien wat er Ă©cht aan de hand is. Vertrouwelijke inzage is volgens Janssen daarvoor een mooi middel en biedt de kans om achter de schermen te kijken en echt te weten te komen hoe het zit.
Minder wantrouwen, meer begrip
De inzage onder geheimhouding veranderde zijn beeld van de overheid. âMijn wantrouwen werd kleiner. De openheid waarmee het werd aangeboden en de zorgvuldigheid van de mensen die ik sprak, lieten zien dat er veel goede bedoelingen zijn. Leg uit hoe dingen zijn gegaan, maar ook waarom dingen verkeerd zijn gegaan. Natuurlijk wordt er weleens gemarchandeerd, maar dat hoort bij mensenwerk.â
Hij beschouwt de Wet open overheid (Woo) niet als een simpel instrument om misstanden te onthullen. âDe Woo is niet zo zwart wit als het lijktâ, zegt Janssen. âIk probeer de grijstinten te laten zien, niet alleen de schandalenâ. Vaak blijken toch twee kanten aan een verhaal te zitten.Â

